> OORLOGSHERINNERINGEN
De toen 23-jarige zoon van de Dirkslandse predikant weet na zestig jaar nog moeiteloos een paar uren vol te praten over die tijd. Met de bekende razzia van december 1944 werd ook hij weggevoerd. Voor die tijd hield de rechtenstudent zich o.a. bezig met het schrijven van een illegaal blad, waarin hij de laatste berichten van de Engelse zender vermenigvuldigde. Hiervoor was boven de koeienstal op de boerderij “Het Groene Woud”, van de familie Struik aan de Geldersedijk, een ruimte gecreëerd. Met behulp van een typemachine werd dagelijks een informatiekrantje samengesteld. Toen er door huiszoeking thuis gevaar van ontdekking ontstond, kwam de radio in de “Boomvliet “terecht. Om het kostbare bezit letterlijk weer boven water te krijgen, werd het waterpeil in de “Boomvliet” zelfs verlaagd. En jawel de radio kwam eruit, werd afgespoeld in de drinkbak van het vee, gedroogd en deed het warempel weer!
Bij de razzia moest ik dus met de andere mannen en jongens mee via Kampen richting Duitsland. Toen ik op zeker ogenblik een jonge jongen tegen kwam die nogal ontdaan was, vroeg ik wat er aan de hand was. Het antwoord van die jongen was dat hij in een andere groep terecht gekomen was dan zijn broer. Hierdoor zouden ze gescheiden worden van elkaar. De oplossing was tamelijk eenvoudig: we ruilden gewoon en daardoor kon hij bij zijn broer blijven. Zodoende kwam ik als enige in een groep terecht waarin voornamelijk jongens en mannen uit Schouwen en Duiveland zaten. Via Hamburg en Bremen kwamen we uiteindelijk na een lange, koude treinreis in Breslau aan. Doordat ik goed Duits sprak, kreeg ik als vanzelf de leiding over de groep mannen. Ze accepteerden dat graag, hoewel ik een stuk jonger was dan de meeste anderen. Aanvankelijk was het in de omgeving vrij rustig. De Russen lagen achter de Weichsel en het front lag stil. Na 12 januari kwam het front meer in de richting van de plaats waar wij waren. In de chaos die daardoor ontstond, konden we een behoorlijke hoeveelheid etenswaren bemachtigen. Om deze mee te nemen, werden ladders omgebouwd tot sleden. Een kant van de staanders werd rond geschaafd, de spullen die men mee wilde nemen erop geladen en met behulp van touwen werden ze over de dikke sneeuwlaag getrokken. De Russen hielden vreselijk huis in het door hen bezette gebied.
Steeds herinnerde Nico Bel zich de woorden die zijn vader sprak toen hij weg ging uit Dirksland: “Jij komt wel terug”! Al was dat niet altijd te bezien, het gaf wel moed om verder te gaan !
Probleem was natuurlijk steeds om eten en onderdak te krijgen voor de groep. De temperatuur daalde ’s nachts tot meer dan 20 graden onder nul! Men deed zich onderweg voor als een groep “Oderschiffer “ en ik was de Transportführer! Men moest zogenaamd terug naar Hamburg om de schepen te bemannen die oorlogsmateriaal moesten transporteren. Zo kwamen we in Dresden terecht. Op 13 februari 1945 werd daar “vol alarm “gegeven. De stad, die vol zat met vluchtelingen en niet of nauwelijks beschikte over schuilkelders voor zoveel mensen, kreeg een van de zwaarste bombardementen uit de Tweede Wereldoorlog te verwerken. Door steeds stroken van de stad te bombarderen werd een waar bommentapijt over de stad gelegd. In een eenvoudige schuilkelder waren we nauwelijks beschut tegen dit geweld. De grond kwam letterlijk omhoog en stof en gruis vielen naar beneden. Gelukkig viel er geen voltreffer op de ruimte, al was er wel zeer veel schade. Bommen van 6000 kilogram vernielden alles wat overeind stond. Een ziekenhuis telde alleen al ca. 200 slachtoffers. Toen we uit de kelder kwamen, stond alles in brand om de groep heen! Toch moesten we weg! Op handen en voeten, onder de vlammen door, lukte het om een veiliger plek te bereiken. Een tweede aanval volgde. De Amerikanen schoten ook op de vluchtelingen! Ook die aanval werd overleefd. Toen de Duitsers ons wilden dwingen om te helpen, moesten we eerst de koffers om de hoek van de straat in veiligheid brengen. Toen we om de hoek waren, zetten we het op een lopen en ontkwamen. Al die tijd had Nico Bel een potje varkensvlees, dat hij van een meisje in Dirksland kreeg toen ze weggevoerd werden, bewaard. Nu kwam het goed van pas! Na zeer veel omzwervingen en avonturen kwam hij inderdaad weer terug! Zijn belevenissen kwamen in boekvorm uit: “Overleven in niemandsland “. Hierin beschrijft hij uitgebreid zijn wederwaardigheden in het laatste oorlogsjaar.
Mr. N. Bel uit Dirksland was in Dresden.
Met dank aan Dhr. G.S. Both voor het beschikbaar stellen van dit artikel uit zijn boek ' Bezet, Belaagd, Bevrijd'.