> OORLOGSHERINNERINGEN
Mevr. N. Grootenboer-Nagtegaal weet ondanks haar 91 jaar( 2001) nog goed te vertellen over haar bevindingen in de oorlog.

Mijn man deed al verschillende illegale activiteiten, zoals het rondbrengen van “Trouw” enz. Van het een kwam het ander. We hadden ook dikwijls kinderen van een vriendin uit Rotterdam te logeren, in verband met de voedselsituatie. Het viel dus niet op als er een logeetje was. Op zekere avond kwam er iemand van de ondergrondse aan de deur, ze kwamen trouwens altijd als het donker was, met de vraag of we een joods kind in huis wilden opnemen. We hadden toen zelf al drie kinderen, waaronder een baby van een paar maanden. Mijn eerste gedachte was, dat kunnen we niet doen. Schuin tegenover ons woonden NSB’ers, die later zelfs bij de SS gegaan zijn. Overigens is die man aan het Oostfront gesneuveld. We hebben die nacht niet veel geslapen! Het was ons als opgelegd, we hebben het in Gods hand gelegd, we moesten het doen! Ondanks dat we wisten dat er veel problemen aan verbonden waren.

Het meisje heette Sonja Jacobs, maar omdat die naam niet zo bekend was hier, noemden wij haar Suus de Lange. Ze was al op weg geweest met een broertje en haar moeder naar de Hollandse Schouwburg in Amsterdam om weggevoerd te worden. Dat was een verzamelplaats, vandaar werden de joden naar Westerbork gevoerd en vervolgens naar de vernietigingskampen. Iemand heeft haar toen uit de rij gerukt en onder laten duiken. Haar moeder kwam in Sneek terecht en haar broer in Dokkum. De mensen uit Sneek zijn later naar Canada vertrokken, de pleegmoeder in Dokkum is overleden. Zodoende is daar geen contact meer. Maar ik wordt nog iedere week gebeld, soms twee keer! De contacten zijn dus nog steeds heel erg goed. Ze woont nog steeds in Amsterdam. Haar moeder is inmiddels ver in de tachtig ( 2001).

De afspraak was dat ik het meisje in Rotterdam op zou halen. Ik zou een roos in mijn rever steken als herkenningsteken. Bij nader inzien leek het toch beter dat mijn man haar zou ophalen. Dat gaf weer grote schrik bij de begeleider van het meisje, die hier niet van op de hoogte was. Toen ze hierheen reisde, huilde ze veel. Mijn man verzon dan telkens een verhaaltje om ze een beetje op haar gemak te stellen. Ze is bij ons gekomen als drie jarige, die toen al veel had meegemaakt! Het was net een verschrikt vogeltje. Ze was al ondergedoken geweest, had zich in kasten moeten verstoppen enz. In het begin viel het niet mee om haar aan het eten te krijgen, ook vreemden wantrouwde ze steeds. Wij deden net alsof ze erbij hoorde. Ze kreeg ook hetzelfde als onze kinderen. Zodoende hebben we zelfs een spaarbankboekje voor haar geopend!
Bij W.Keur zat ook een onderduiker, we noemden hem de baron of jonkheer, die kwam achterom ook wel eens bij ons, die heeft nog foto’s gemaakt! Hij zat dus ondergedoken naast politieman P.Vos, maar die was “goed”, evenals de andere politieman, Terpstra.
Angstige ogenblikken beleefden we iedere keer als de beruchte SS’er Oskam op zijn motor aankwam. Hij reed op een motor met zijspan en kwam ook bij  NSB’ers hier in het dorp. Er was niet zo veel verkeer, dus dat geluid van die motor hoorden we al van verre. Iedere keer dachten we: nu is het onze beurt! Maar wonderlijk genoeg hebben we daar geen problemen mee gehad.

Na de oorlog viel het niet mee om het gezin weer te herenigen. Ze is hier tot augustus 1945 geweest. Haar moeder heeft haar opgehaald. Vanuit Rotterdam, de Boompjes, kon ze met een beurtschipper meevaren naar Dirksland. Vandaar is ze hierheen komen lopen. Voor ons viel het eigenlijk nog niet eens mee om haar weer af te staan. Ze wist bijvoorbeeld niet wie ze nu haar moeder moest noemen, toen ze haar eigen moeder terug zag. Zesenvijftig familieleden bleken te zijn vermoord door de Duitsers!

Overigens hebben we nog wel last gehad van die NSB’ers. Ze probeerden steeds door je uit te dagen, je belastende dingen te laten zeggen. Zo kwam Thijs T. hier een keer, terwijl ik de kinderen in bad deed. Dat gebeurde in een teil in de schuur, wie nog niet aan de beurt was, zat te wachten op de aardappelkist. Hij stak een heel warrig verhaal af, terwijl een ander, Mientje M. stond te wachten en te luisteren op de straat. Ik zou opgehaald worden en allerlei bedreigingen meer! Ik heb niets teruggezegd. Later kreeg ik een brief van de zoon van Mientje, die bij de SS was. Ik moest mijn excuses aanbieden aan zijn moeder. Ik was niet van plan om dat te doen, maar op aandrang van mijn man ben ik er toch geweest. Toen ik er kwam zei ik : “Ik heb een brief gehad van Dirk, maar ik weet niet wat ik verkeerd gedaan heb”. Het bleek dat ik ergens gezegd had dat de Duitsers de oorlog zouden verliezen, waarop ik zei dat dat geen nieuws was. Dat wist immers iedereen! Als ik niet zo met je arme kindertjes te doen had, liet ik je oppakken, zei Mientje nog! Politie Terpstra zei dat we de brief moesten bewaren. Na de oorlog diende die o.a. als bewijslast tegen Dirk toen die zich voor het tribunaal moest verantwoorden. Hij ontkende alles. Hij had ook geen bloedgroeptatouage onder zijn arm.

Een ander voorval was het volgende. Zij, de NSB-buren,  hadden net als wij een geit lopen op een stuk gras dat bekend stond als “het slagveld”. Ik liet die geiten van ons altijd drinken. Op een keer dacht ik bij mezelf, ik zal die van hun ook eens laten drinken, want zelf keken ze er niet naar om. Ik zei tegen mijn andere buurvrouw, Stoffelien, die geit is ziek, ik zie het aan de ogen. En inderdaad, die geit ging dood. En ze verdachten mij ervan, daarin de hand te hebben gehad. Wij moesten bij  burgemeester Visscher komen, ook een NSB’er. Als getuige riep ik er de buurvrouw bij. ’s Avonds hebben ze de dode geit opgehaald. De heer Decastecker heeft de maag eruit moeten snijden, die werd opgestuurd naar Utrecht, naar de universiteitskliniek. Daar kwamen ze er achter dat die geit aardappelschillen met schoten erop had gegeten. Dat is voor een geit giftig. Eerst kwamen twee NSB’ers bij ons de zaak afzoeken, maar ze konden geen belastend materiaal vinden. Later vonden ze die aardappelen bij de buren zelf in de schuur!

Ik heb nog wekelijks contact met Sonja.
Joods meisje duikt onder in Melissant

 
Met dank aan Dhr. G.S. Both voor het beschikbaar stellen van dit artikel uit zijn boek ' Bezet, Belaagd, Bevrijd'.

Sitemap Disclaimer Copyright

 
Mevr. J.J. Spilt-de Jager
Anoniem
Dhr. P. Jacobs
Dhr. A. Hoek
Dhr. L. Visser
Mevr. N. Grootenboer-Nagtegaal
Dhr. A.C. van Rossum
Dhr. B. van der Laan
Dhr. R.J. Triemstra
Mevr. het Jonk-Non
Dhr. B. Keizer Thz.
Dhr. A. de Leeuw
Dhr. A. Visbeen Jzn.
Dhr. D. Kik
Mr. N. Bel
Dhr. G. de Bakker